Aangifte van overlijden

Als er iemand is overleden moet hiervan aangifte worden gedaan in de gemeente waar de persoon is overleden. In veel gevallen doet een uitvaartondernemer de overlijdensaangifte, maar u kunt als nabestaande ook zelf aangifte doen.

De gemeente verwerkt het overlijden in de basisregistratie personen (BRP) en er wordt een akte opgemaakt die wordt opgenomen in de registers van de burgerlijke stand.

Er is geen vastgestelde aangiftetermijn, maar in verband met de termijn waarbinnen de begraving of crematie moet geschieden, moet u doorgaans binnen zes dagen na de dag van overlijden aangifte doen. Dit omdat bij de aangifte van overlijden in de meeste gevallen tevens het verlof tot begraving of crematie wordt afgegeven.

Meenemen naar het gemeentehuis

  • B-enveloppe (een enveloppe welke bestemd is voor het CBS en waarin een formulier is gevoegd waarop de geneeskundige die het overlijden heeft vastgesteld gegevens omtrent de doodsoorzaak heeft vermeld).
  • Indien natuurlijke doodsoorzaak: verklaring van overlijden afgegeven door de behandelend geneeskundige of gemeentelijk lijkschouwer.
  • Indien onnatuurlijke doodsoorzaak: verklaring van geen bezwaar crematie/begrafenis afgegeven door de Officier van Justitie.
  • Wanneer uitstel van crematie/begrafenis noodzakelijk is: verklaring van geen bezwaar afgegeven door een geneeskundige.
  • Wanneer sprake is van ontleding: verzoek aan burgemeester tot afgifte verlof tot ontleding.
  • Eventueel het trouwboekje in verband met bijwerking gegevens overlijden.

Aangifte overlijden door uitvaartondernemer

Uitgelicht